Wajong

Wat is de Wajong?

De Wajong is een uitkering voor jongeren met een langdurige ziekte of beperking, die al op jonge leeftijd moeite hebben om zelfstandig te werken en inkomen te verdienen. Het doel van de regeling is om financiële ondersteuning te bieden aan mensen die door hun beperking niet in staat zijn om het wettelijk minimumloon te verdienen. De Wajong-regeling is in de loop der jaren veranderd, waardoor er nu verschillende soorten Wajong-uitkeringen bestaan, afhankelijk van het moment waarop iemand voor het eerst een Wajong-uitkering heeft aangevraagd.

Verschillende vormen van Wajong en de overgang tussen regelingen

De Wajong-regeling is drie keer aangepast, waardoor er nu verschillende regelingen naast elkaar bestaan:

  1. Oude Wajong (voor 2010): Mensen die vóór 1 januari 2010 een Wajong-uitkering hebben aangevraagd, vallen onder de oude Wajong. Deze regeling biedt een uitkering voor mensen die volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn. Werken wordt aangemoedigd, maar er zijn minder verplichtingen om actief naar werk te zoeken. Mensen in deze groep hebben doorgaans recht op een hogere uitkering.

  2. Wajong 2010 (tussen 2010 en 2015): Voor aanvragen tussen 1 januari 2010 en 1 januari 2015 geldt de Wajong 2010-regeling. Deze regeling legt meer nadruk op werk en kijkt in hoeverre iemand (gedeeltelijk) kan werken. Mensen met Wajong 2010 worden gestimuleerd om te werken, met bijbehorende re-integratievoorzieningen zoals jobcoaching en loonkostensubsidies. De uitkering wordt deels aangevuld als iemand parttime werkt.

  3. Nieuwe Wajong (na 2015): Sinds 1 januari 2015 vallen alle nieuwe aanvragen onder de nieuwe Wajong-regeling. Hierin staat werken centraal. Het UWV kijkt of iemand gedeeltelijk kan werken en welke ondersteuning daarbij nodig is. Voor degenen die helemaal niet kunnen werken, wordt een uitkering verstrekt die is afgestemd op het sociaal minimum. De nieuwe Wajong heeft striktere eisen voor wat betreft het zoeken naar werk en deelname aan re-integratietrajecten.

Overgang van Wajong naar de Participatiewet

Met de invoering van de Participatiewet in 2015 is er een belangrijke verandering doorgevoerd. Sindsdien komen jongeren met een arbeidsbeperking niet meer automatisch in aanmerking voor de Wajong. De Participatiewet heeft de toegang tot de Wajong beperkt tot mensen die duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben. Voor jongeren die wel gedeeltelijk kunnen werken, geldt nu de Participatiewet, waarbij de gemeente verantwoordelijk is voor ondersteuning bij werk en inkomen.

Mensen die al een Wajong-uitkering hadden vóór de invoering van de Participatiewet, behouden hun uitkering volgens de regels van de regeling waaronder zij vielen (oude Wajong of Wajong 2010). Voor deze groep blijft het UWV verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wajong-regeling, terwijl de gemeente aanvullende ondersteuning kan bieden, bijvoorbeeld bij re-integratie.

Voorbeelden van ondersteuning binnen de Wajong

De Wajong biedt niet alleen een financiële uitkering, maar ook diverse vormen van ondersteuning om mensen met een arbeidsbeperking te helpen bij het vinden en behouden van werk. Enkele voorbeelden zijn:

  • Re-integratietrajecten: Programma’s om mensen voor te bereiden op een betaalde baan door middel van trainingen, werkervaring, of opleidingen.
  • Jobcoaching: Begeleiding op de werkvloer om mensen te helpen bij het aanleren van nieuwe vaardigheden en het omgaan met werkgerelateerde uitdagingen.
  • Loonkostensubsidie: Een tegemoetkoming voor werkgevers die iemand met een Wajong-uitkering in dienst nemen om het verschil in arbeidsproductiviteit te compenseren.
  • Aanpassing van de werkplek: Ondersteuning bij het aanpassen van werkplekken aan de specifieke behoeften van medewerkers, bijvoorbeeld met aangepast gereedschap of ergonomische hulpmiddelen.
  • Vervoersvoorzieningen: Voor mensen die moeite hebben met reizen naar hun werkplek, biedt het UWV ondersteuning in de vorm van reiskostenvergoedingen of aangepast vervoer.
  • Scholing en ontwikkeling: Ondersteuning bij het volgen van opleidingen of cursussen die de kans op de arbeidsmarkt vergroten.

De rol van gemeenten en UWV in de Wajong-regeling

Na de invoering van de Participatiewet is er een duidelijke scheiding ontstaan tussen de taken van gemeenten en het UWV:

  • UWV: Het UWV blijft verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wajong-uitkeringen, ongeacht onder welke regeling iemand valt (oude Wajong, Wajong 2010, of nieuwe Wajong). Het UWV beoordeelt de arbeidsmogelijkheden, verstrekt de uitkering, en biedt ondersteuning bij re-integratie. Alle nieuwe aanvragen voor Wajong-uitkeringen sinds 2015 verlopen via het UWV.

  • Gemeenten: Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet. Voor jongeren die gedeeltelijk kunnen werken en niet in aanmerking komen voor de Wajong, biedt de gemeente ondersteuning bij het vinden van werk en het verstrekken van aanvullende uitkeringen. Daarnaast kunnen gemeenten aanvullende diensten aanbieden aan Wajongers, zoals begeleiding bij werk of dagbesteding.

Voor mensen die al een Wajong-uitkering hadden vóór 2015, kunnen gemeenten een rol spelen in aanvullende ondersteuning, zoals dagbesteding of beschut werk. Dit wordt vaak afgestemd met het UWV om te zorgen dat de zorg en ondersteuning naadloos op elkaar aansluiten.

Huidige situatie van de Wajong

Sinds de invoering van de Participatiewet ligt de nadruk binnen de Wajong meer op werk en re-integratie, met als doel om zoveel mogelijk mensen met een beperking te ondersteunen bij het vinden van betaald werk. Voor mensen die volledig arbeidsongeschikt zijn, blijft een uitkering beschikbaar. Door de overgang tussen verschillende Wajong-regelingen en de striktere eisen voor de nieuwe Wajong, zijn er aanzienlijke veranderingen geweest in hoe de ondersteuning wordt geboden. Zowel het UWV als de gemeenten spelen een belangrijke rol in het bieden van maatwerk om ervoor te zorgen dat mensen met een arbeidsbeperking volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving.

Hoe vertegenwoordigt de cliëntenraad de belangen van Wajong-gebruikers?

De cliëntenraad op gemeentelijk niveau kan opkomen voor Wajong-gebruikers door signalen door te geven over de aanvullende voorzieningen die gemeenten aanbieden, zoals dagbesteding, beschut werk, of re-integratieondersteuning. De cliëntenraad heeft echter geen invloed op de uitvoering van de Wajong-uitkering zelf, aangezien het UWV hiervoor verantwoordelijk is.

Het UWV heeft zijn eigen cliëntenraad die specifiek de belangen van Wajong-gebruikers behartigt. Deze raad verzamelt signalen en adviezen om ervoor te zorgen dat het beleid van het UWV aansluit bij de behoeften van Wajong-gebruikers. Dit kan betrekking hebben op de toegankelijkheid van re-integratievoorzieningen, de hoogte van de uitkering, of de ondersteuning bij werkhervatting.

Door goede samenwerking tussen gemeenten, het UWV, en de verschillende cliëntenraden wordt gestreefd naar een zo inclusief mogelijke arbeidsmarkt waarin iedereen een eerlijke kans krijgt.